Hieronder staat de canon van de Rotte. Een canon is een soort samenvatting van de geschiedenis van een gebied in tijdvensters. De tijdvensters hieronder zijn gemaakt met de Nationale Canon in het achterhoofd; de iconen zijn hetzelfde, maar de periodes zijn iets aangepast op het gebied. In de vensters ontdek je op chronologische wijze wat er is gebeurd in elke periode in het gebied van de Rotte. De Rotte heeft een lange en roerige geschiedenis met veel veranderingen in het landschap en haar bewoners. Lees over prehistorische kano’s, middeleeuwse oorlogen en de hedendaagse ontwikkelingen langs de Rotte en ontdek welke verhalen in welke tijdsperiodes vallen.

Klik op onderstaande iconen om door te gaan naar het desbetreffende tijdperk. 

11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers8. pruiken revoluties11 logo televisie computers11 logo televisie computers11 logo televisie computers

 

Voor het ontstaan van de Rotte

1. logo jagers verzamelaars5000 tot 800 v. Chr.

Rond 10.000 v. Chr. krijgt Nederland langzaam zijn huidige vorm. In het stroomgebied van de Maas  ontstaan rivierduinen van opgewaaid zand. Op deze hoge en droge plekken vinden we vaak (tijdelijke) nederzettingen. Ook in het gebied rond de Rotte zijn daarvan sporen teruggevonden:

Reuzin Hillegonda

In Hillegersberg is een donk gevonden met sporen vanaf de Midden Steentijd (10.500 – 5.300 v. Chr.). Volgens de legende ontstaat deze donk als reuzin Hillegonda zand verliest uit haar schort. Het wapen van Hillegersberg verwijst naar dit verhaal.

Kampvuursporen bij CS

Onder het huidige Centraal Station lag een oude rivierduin waarop mensen hebben gewoond. Dat blijkt uit sporen van een kampvuur van zo’n 7500 jaar oud. De vroegere bewoners aten veel vis; archeologen vonden veel verbrande viswervels en een stukje touw van een net of een fuik.

Doordat het kustgebied ruig, moeilijk bereikbaar en heel nat is, blijft hier lang alles bij het oude. Waar elders in Nederland de eerste boeren beginnen met landbouw, blijven de mensen in het gebied rond de Rotte lang jagen en verzamelen. Ze leven vooral van de visvangst.

Bergschenhoekse visfuiken

Bij Bergschenhoek komen in 1978 vijf visfuiken van 6200 jaar oud te voorschijn, gebruikt door jagers die een klein kamp hadden opgeslagen op een drijvend stuk veen. Bij de opgraving zijn veel visresten gevonden en sporen van een vuurtje.

Het gebied waar de Rotte ligt, is onderdeel van een rij strandwallen ter hoogte van de Noordzeekust, met daarachter moeras. In die vochtige omstandigheden verteren de plantenresten niet volledig, maar stapelen zich op. Zo ontstaat een metersdikke laag veen. Wellicht ontstaat de Rotte in dit tijdperk als een veenstroompje. Tijdens de Late Bronstijd (1.100 tot 800 v. Chr.) is het gebied heel nat. Misschien zijn er daardoor uit die tijd geen sporen van bewoning gevonden.

1 fuik

De fuiken bij Bergschenhoek

Metaalbewerkers

2. logo kelten800 v. Chr. tot 12 n. Chr.

In de IJzertijd (800 – 12 v. Chr.) wordt het gebied rondom de Rotte droger doordat de monding van de Maas verbreedt en er meer geulen ontstaan. Daardoor kan het boerenleven opbloeien. Er ontstaan nederzettingen, meestal langs kreken of op hoger gelegen veenkussens. De boeren houden runderen, schapen en varkens en verbouwen lijnzaad, gerst en gierst.

Nederzetting bij Terbregge

Op de oever van de Rotte bij Terbregge is zo’n nederzetting uit de Late IJzertijd gevonden met scherven, een haardplaats, palen, een  metalen mantelspeld, aardewerkscherven, botten en een juk van wilgenhout. De vondsten duiden erop dat de bewoners langer op één plek bleven wonen, dat ze honden hielden en dat ze visten.

Een van de snelste manieren van vervoer in die tijd is via het water, zoals de Rotte.

Prehistorische kano

In 1920 werd in Terbregge  een kano uit de Vroege IJzertijd gevonden, zo’n 1.70 meter onder de grond. De kano was 9 meter lang en uit één eikenstam gekapt. Helaas is het niet gelukt om de kano te conserveren en zijn er nog maar een paar kleine stukjes van over,. Dit was in 1990-1991  gelukkig genoeg om hem te dateren: circa 700 v. Chr.

Over de periode tussen 500 en 250 v. Chr. (de Midden IJzertijd) is weinig bekend. Door toenmalige overstromingen en erosie is er weinig teruggevonden uit die tijd. Wel is duidelijk dat in de 1 e  eeuw v. Chr. bewoners het kustgebied hebben verlaten. Rond het begin van onze jaartelling, met de komst van de Romeinen, is het gebied weer bewoond.

2. kanoterbregge

Hoe de kano in Terbregge is gevonden.

Romeinen en cananefaten

3. logo romeinen bataven12 tot 450

In het begin van onze jaartelling wonen de Cananefaten in het gebied tussen de mondingen van Maas en Rijn. Dit volk handelt met de Romeinen en levert soms hulptroepen aan het Romeinse leger. Er is ook weerstand tegen de overheersing van de Romeinen. Tacitus schrijft over de Cananefaat Brinno, die zijn krachten bundelt met de Bataven en de Friezen om een opstand te beginnen tegen de Romeinen. Deze opstand wordt na een jaar vechten in het jaar 70 neergeslagen. Daarna zijn de Cananefaten gedwongen om mee te werken met de Romeinen.

De Rotte ligt een stuk landinwaarts, midden in het veengebied. De Romeinen en Cananefaten wonen overwegend wat verder naar de kust, op droge duinruggen en kleigronden, en langs de oevers van de Maas. Toch komen ze ook in de buurt van de Rotte.

Romeins crematiegraf

Bij de aanleg van de Willemsspoortunnel is  een Romeins crematiegraf gevonden. In het graf liggen een man en een vrouw en hun twee kleine kinderen.

Toltoren Het Duifhuis

Er gaan eeuwenlang geruchten over het bestaan van een heerweg en een Duifhuis. Het Duifhuis zou een toltoren zijn geweest langs de Rotte, ter hoogte van de Crooswijkse bocht. Er is echter nooit bewijs gevonden dat hier zo’n toltoren heeft gestaan..

‘s-Gravenweg

Van de ’s-Gravenweg werd verondersteld dat hij is ontstaan als Romeinse heerweg, maar waarschijnlijk is de weg pas in de Middeleeuwen ontstaan als ontginningslijn.

In de tweede helft van de 3 e eeuw stort het politieke systeem van  de Romeinen in en worden hun grenzen steeds vaker aangevallen door Germanen. In de 4 e eeuw zijn de Romeinen grotendeels uit ons land verdwenen.

3. romeinsepotten

Romeinse potten gevonden onder de Willemsspoortunnel

Monniken en ridders

4 logo monniken ridders450 tot 1000

Na het verdwijnen van de Romeinen blijft slechts tien procent van de bevolking in het gebied tussen de mondingen van Maas en Rijn wonen. Dat zijn zo’n 300 mensen. Waarschijnlijk vertrekken veel mensen met het leger of verhuizen ze naar grote voormalige Romeinse steden zoals Trier of Keulen.

Omstreeks de 6 e eeuw wonen in Nederland drie stammen: Friezen, Saksen en Franken. De Cananefaten zijn waarschijnlijk opgegaan in deze volken. Het gebied bij de Rotte is grotendeels verlaten en er is weinig bekend over de bewoners.

In 719 wordt het kustgebied ingelijfd bij het rijk van Karel Martel, de opa van Karel de Grote. Tijdens de Karolingische tijd (700 – 1000) komt het Christendom naar Nederland. Willibrord, die in het jaar 690 vanuit Ierland bij de Oude Rijn in ons land komt, zet kloosters en kerken op om de heidense inwoners te bekeren.

De kerk van Rotta

De eerst bekende kerk bij de Rotte is die van de nederzetting Rotta, een voorloper van Rotterdam. Een oorkonde uit 1028 is het oudst bekende document waarin de parochie van Rotta wordt genoemd. Over deze kerk is heel weinig bekend. Niemand weet waar hij precies heeft gestaan.

Het veengebied bij de Rotte wordt gebruikt om vee te weiden, te jagen, te vissen of hout en riet vandaan te halen. Verspreid in het gebied wonen mensen op oeverwallen en getijdenruggen, zoals de oevers van de Rotte en de zandige verhoging van Hillegersberg.

Nederzetting Rotta

Waarschijnlijk vestigen de eerste mensen zich al in de 8e of 9e eeuw langs de Rotte-oevers, onder andere inde nederzetting Rotta. Het is vrij zeker dat dit dorpje rond het koor van de Laurenskerk heeft gelegen.

Hillegersberg

Hillegersberg is genoemd naar Hildegard van Vlaanderen, de vrouw van graaf Dirk II die in de 10e eeuw eigenaar was van het dorp.

Vanaf de tweede helft van de 10 e eeuw wordt het klimaat droger en gaan bewoners van het gebied rondom de Rotte moerasland in cultuur brengen. De Rotte ligt in die tijd lager dan het omringende land. Mensen graven sloten haaks op de Rotte, zodat het water uit het land daarheen kan wegstromen. De sloten liggen op ongeveer 100 meter van elkaar en zijn één of een paar kilometer lang.

4 8 vroege boeren

Vroege boeren langs de Rotte

Steden en staten

5. logo steden staten1000 tot 1450

De bisschoppen van Utrecht en Egmond en de graven van Holland bezitten grote stukken land in de buurt van de Rotte. Vanaf ongeveer 1100 geven zij opdracht voor grootschalige ontginning van het gebied. Aan de rand van de stroken landbouwgrond  die door de ontginning ontstaan, bouwen mensen hun huizen.

Ontstaan Bleiswijk en Bergschenhoek

Met de ontginningen ontstaan in de 12 e  eeuw de dorpjes Bleiswijk en Bergschenhoek. Bleiswijk had ook een kasteel: slot Cranenburg (1106). Aan de hand van oude kaarten is te zien dat het waarschijnlijk tussen de huidige Klappolder en de Rotte heeft gelegen.

Ontstaan Zevenhuizen

Zevenhuizen ontstaat al eerder en ligt dan direct aan de Rottemeren. Met de ontginningen verplaatst het dorp  zich meer landinwaarts. Kenmerkend voor deze dorpen is hun lintvorm, omdat ze ontstaan langs de uiteinden van de drooggemaakte kavels.

Woonstalhuis Binnenrotte

Bij de aanleg van de Willemsspoortunnel zijn veel vondsten gedaan. Zo hebben archeologen langs de Binnenrotte resten van een 11 e-eeuws woonstalhuis ontdekt, waarschijnlijk een overblijfsel van de nederzetting Rotta.

Rotte-dam

Er zijn ook veel resten gevonden van waterwerken uit de 12 e eeuw. Tussen 1164 en 1170 zijn er grote stormvloeden. Om overstromingen te voorkomen, bouwen de inwoners van het gebied dijken, sluizen en dammen in de Rotte. Eén van de oudste dammen ligt op de plek van de huidige Philips Willembrug (Hoge Brug) in Hillegersberg. Deze dam stamt uit 1180. De bekendste dam is de Middeldam. Deze ligt diep onder de huidige Hoogstraat en is waarschijnlijk de naamgever van Rotterdam. Deze dam is ongeveer 400 meter lang en werd gebouwd ter afsluiting van de monding van de Rotte. In de dam zitten verschillende sluizen om het achterland te kunnen ontwateren. Onder de dam van de Rotte, of de Rotte-dam, zijn bij opgravingen verschillende scheepjes aangetroffen die te dateren zijn rond het jaar 1270. De dam zal dus ook uit deze tijd zijn. In de polder die werd aangelegd vlakbij de Middeldam, ontstaat een stadje: Rotterdam.

Rotterdamse kastelen

De vele kastelen die Rotterdam i die tijd rijk was, zijn grotendeels onder de stadsbebouwing verdwenen. Slot Honingen (13e eeuw) lag bij de Slotlaan, Slot Bulgersteijn (1333) onder het Beursplein, Huis te Krooswijk (1337) bij de Crooswijksebocht en het Hof van Weena (ca. 1100) nabij Pompenburg. Alleen van kasteel Hillegersberg (ca. 1250) is nog een ruïne te vinden op het kerkhof van de Hillegondakerk.

In 1340 ontvangt Rotterdam stadsrechten van Willem IV, graaf van Holland. In 1358 volgen stadsmuren.  Door het stadsrecht groeit de stad gestaag. De aanleg van een verbinding tussen de  Rotte en de Schie, waardoor producten over water naar onder andere Delft kunnen worden vervoerd, is goed voor de handel. Rotterdam wordt een echte marktstad.

Ontdekkers en hervormers

6 logo ontdekkers hervormers1450 tot 1600

Door de ontginningen klinkt het land langs de Rotte in en gaat het zakken. Langzaam maar zeker komt  het land lager te liggen dan de rivier. Men gaat molens bouwen om het waterniveau in de polders op peil te houden.

Blaauwe Molen

Rond 1500 staan er zo’n 17 molens langs de Rotte. Eén hiervan is de Blaauwe Molen vlakbij Pompenburg. De versie uit 1663 heeft nog lang gedraaid maar is in de Tweede Wereldoorlog vernietigd.

Mensen hebben ontdekt dat als je veen droogt het goede brandstof is: turf. In eerste instantie steken de boeren turf voor eigen gebruik. Door de groei van steden zoals Rotterdam en Gouda wordt turfwinning  commercieel interessant. Turf wordt in grote hoeveelheden gestoken waardoor steeds meer land onder water loopt. Vanaf circa 1530 gaat men turf baggeren met baggerbeugels. Dit zijn een soort schepnetten aan lange stelen waarmee turf onder water vandaan kan worden gehaald. Al snel ontstaan hierdoor grote plassen. De omgeving van Rotterdam staat bijna helemaal onder water.

Bergse Plassen en Kralingse Plas

Overblijfselen uit die tijd zijn de Bergse Plassen bij Hillegersberg en de Kralingse Plas in Kralingen.

Ontstaan Moerkapelle

Rond 1400 ontstaat het dorp Moerkapelle doordat hier veel turfstekers gaan wonen.

Verwoestingen tijdens Hoekse en Kabeljauwse Twisten

De Hoekse en Kabeljauwse Twisten (1350 – 1490) laten een spoor van vernieling achter in Nederland. Rotterdam weet het conflict om het graafschap van Holland lang te vermijden, maar in 1418 raken de Hoeken en Kabeljauwen toch slaags in de stad.Verschillende gebouwen bij de Rotte worden in deze oorlog verwoest: het ‘riddermatige huis’ Cranenburg, het Hof van Weena, Slot Honingenen, Slot Bulgersteijn, kasteel Hillegersberg en de Hillegondakerk. Rebellenleider Willem Nagel is hiervoor verantwoordelijk in opdracht van Jacoba van Beieren.

In 1492 en 1493 wordt de schutsluis bij de Hildam kort en klein geslagen. Deze sluis is onderdeel van een sluiproute voor handelaren, waarmee ze de tol bij Gouda en Dordrecht vermijden. Daar zijn die steden niet zo blij mee. Ze sturen een knokploeg om de sluis onklaar te maken. Na een proces wordt het verlaat gedicht en wordt het een overtoom uitsluitend voor de lokale handel.

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568 – 1648) vallen de Spanjaarden Rotterdam binnen. Tijdens de gevechten vallen veel doden. Na vertrek van de Spanjaarden in 1572 wordt Rotterdam loyaal aan Willem van Oranje.

Reformatie Laurenskerk en kerk Oud-Kralingen

De Sint-Laurenskerk die tussen circa 1449 en 1525 is gebouwd vlakbij de Rotte-dam is altijd katholiek geweest. Tijdens de reformatie na het vertrek van de Spanjaarden wordt hij meteen protestants. Ditzelfde geldt voor de kerk van Oud-Kralingen. Restanten van deze kerk zijn nu onderdeel van grafkamers op de begraafplaats Oud-Kralingen.

Standbeeld Erasmus Roterodamus

Vlak achter de Laurenskerk wordt in 1466 een internationale bekenheid geboren. Desiderius Erasmus staat onder andere bekend als humanist, theoloog en filosoof. Als eerbetoon aan zijn geboorteplaats noemt hij zichzelf Desiderius Erasmus Roterodamus. Van Erasmus is in 1622 een bronzen standbeeld gemaakt, dat staat op het Grotekerkplein. Het standbeeld is het oudste bronzen standbeeld van Nederland.

Na de val van Antwerpen in 1585 stroomt Rotterdam vol met migranten uit de Zuidelijke Nederlanden, die op de vlucht zijn voor de Spanjaarden. Onder invloed van hun ideeën en de verschuivende handel van Antwerpen naar Amsterdam bloeit de Rotterdamse economie op en groeit de stad enorm. Van 7.000 inwoners in 1560 breidt de stad zich uit naar 20.000 inwoners in 1620.

Schat in een schoen

In 2013 is vlakbij de Rotte-dam onder de grond een muntschat in een schoen gevonden. Deze is waarschijnlijk rond 1592 verstopt door de eigenaar, misschien uit angst voor Spanjaarden of andere plunderaars.

 6. erasmus beeld

Beeld van Erasmus op Grotekerkplein

Regenten en vorsten

7 logo regenten vorsten1600 tot 1700

De Gouden Eeuw breekt aan. Het gaat goed met Nederland en de handel groeit. In 1602 wordt de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) opgericht, in 1621 de West-Indische Compagnie (WIC). Vóór die tijd zijn er veel losse compagnieën die onder andere vanuit Rotterdam de wereldzeeën bevaren. De sporen van de groeiende handel zijn overal in Rotterdam te zien. In 1598 richt men de eerste koopmansbeurs op, op de hoek van het Haringvliet en de Spaansekade. In 1632 krijgt de VOC een eigen werf aan de Scheepmakershaven.

Onder invloed van de gunstige economie groeit Rotterdam verder. In 1650 wonen er 30.000 mensen, eind 17 e  eeuw zijn er al zo’n 50.000 Rotterdammers. De zogenaamde ‘Rotterdamse Driehoek’ is helemaal volgebouwd, Rotterdam is de tweede stad van de Republiek.

De dorpjes langs de Rotte groeien met Rotterdam mee. Turf blijft een grote bron van inkomsten. Door de turfwinning wordt het gebied tussen Gouda en Rotterdam één groot plassengebied. Omdat er steeds minder land overblijft en het water een gevaar vormt voor de omliggende dorpen en steden, start men met het droogmalen van polders.

Eerste droogmakerij: de Wilde Veenen

De eerste polder die wordt drooggemaakt is de Wilde Veenen. Deze polder bij Moerkapelle valt rond 1655 droog met behulp van maar liefst zeven molens. Een deel daarvan is nu nog zichtbaar in de vorm van molenstompen. Hier staat ook de oudste wipmolen van Nederland: de Oorsprong uit 1623.

Prinsenmolen

Bij de Bergse Plassen staat een molen met een bijzonder verhaal: de Prinsenmolen. Deze molen is genoemd naar stadhouder Willem III, die regelmatig jaagt in de buurt en in de molen slaapt.

 7 gezicht op rotte schilderij 1692

 Gezicht op de Rotte, 1692

Pruiken en revoluties

8. pruiken revoluties1700 tot 1800

Het overlijden van Willem III in 1702 laat de Republiek stadhouderloos achter. Door toenemende concurrentie uit Frankrijk en Engeland en de Spaanse Successieoorlog (1702 – 1713) waarin de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden betrokken is, verslechtert de economie. Een nieuwe successieoorlog, ditmaal de Oostenrijkse, breekt aan in 1740. Dit leidt tot een aanval op de Staten van Zeeland die daarop Willem IV uitroepen tot stadhouder om het land te redden. Een dag later, op 29 april 1747, spreken ook de Rotterdamse regeerders hun steun uit voor Willem IV.

Overstromingen

Rondom Rotterdam is rond 1750 zoveel turf gestoken dat het water de overhand heeft. Bleiswijk, Hillegersberg, Bergschenhoek en Zevenhuizen overstromen regelmatig.

Buitenplaatsen

Vanaf de tweede helft van de 17e eeuw bouwen veel rijkelui een buitenplaats langs de Rotte. Voorbeelden zijn Soetendaal, Rust van Onrust, Woelwijk, den Arend en Huis te Crooswijk.

Lofdicht Dirk Smits

De meeste buitens komen voor in het lofdicht ‘De Rottestroom’. Dit gedicht is geschreven door Dirk Smits, lid  van het genootschap Natura et Arte. In 1750 schrijft hij de lofzang op de prachtige Rotte en de natuur eromheen. Het gedicht draagt hij op aan Willem IV die hem ervoor beloont met een promotie. Helaas kan Dirk er niet lang van genieten want hij overlijdt in 1752.

Hoe mooi de Rotte en de omliggende plassen ook mogen zijn, ze brengen weinig op voor de bewoners en voor de stad Rotterdam. De bevolking van de dorpjes loopt terug en Rotterdam verarmt. In Kralingen is de schade door het water zo groot dat het hele dorpje moet verplaatsen naar hoger gelegen grond. Het stadsbestuur van Rotterdam en een aantal kooplieden besluiten dat de grond moet worden drooggemaakt. De landbouwgrond die hierdoor zou ontstaan, moest veel geld opbrengen.

Molenviergang en Eendrachtsmolen maken Tweemanspolder droog

In 1728 wordt de Tweemanspolder drooggemalen. De Tweemanspolder wordt drooggemalen door de Molenviergang, de Eendrachtsmolen en nog een zesde molen. De zesde molen is afgebroken, maar de andere zijn bewaard gebleven .  De Molenviergang is de enige nog functionerende getrapte molenviergang ter wereld en een rijksmonument direct naast de Rotte. De Eendrachtsmolen helpt rond 1760 ook met het droogmalen van de Eendragtspolder. Het naastgelegen Zevenhuizer Verlaat uit 1740 geeft toegang tot de achterliggende Hennipsloot.

Boezem gegraven

Rond 1770 wordt de Boezem gegraven om de Rotte te ontlasten. Zo kan het water via een andere route weglopen in de Maas.

Bleiswijkse en Boterdorpse Verlaat

In de jaren ’60 en ’70 van de 18e eeuw start de grootschalige droogmakerij van de Bleiswijkse en Hillegersbergse polders. De kosten voor de bouw van 21 molens en de aanleg en het onderhoud van de nieuwe sloten, dijken en kades kost bij elkaar ‘dertien tonnen gouds’, oftewel 1,3 miljoen gulden, omgerekend zo’n 6 ton in euro’s.  Uit deze tijd stammen ook het Bleiswijkse en Boterdorpse Verlaat, twee monumentale schutsluizen.

Korenmolen De Vier Winden

Behalve poldermolens staan er ook korenmolens langs de Rotte. Zij maken gebruik van de Rotte voor de aan- en afvoer van goederen. Een voorbeeld hiervan is molen De Vier Winden uit 1776. Deze witte molen in Terbregge staat er nog steeds.

8. Huis te Crooswijk 1747

Huis te Crooswijk in 1747

Burgers en stoommachines

9. logo burgers stoommachines1800 tot 1900

Eind 18e eeuw strijden de orangisten en patriotten over de vraag of de Oranjes aan de macht moeten blijven of niet. In Rotterdam geven vrouwen met klinkende namen zoals ‘Ruige Keet’ en ‘Kaat Mossel’ hun steun aan stadhouder Willem V. Desondanks moet Willem V in 1795 vluchten naar Engeland en wordt de Bataafse Republiek uitgeroepen. Niet lang daarna vallen de Fransen Nederland binnen, onder leiding van Napoleon Bonaparte.

Eerste Nederlandse stoomgemaal

Al in 1776 wordt het eerste stoomgemaal van Nederland in gebruik genomen op de Oostpoort, bij het huidige Oostplein, om water uit de stad weg te pompen. In 1797 krijgt een branderij in Rotterdam de eerste industriële stoommachine.

Toch komt de industriële revolutie maar moeilijk op gang. In deze onrustige  tijden durven maar weinig mensen geld te investeren in innovatieve machines. Ook de conservatieve bestuurders van Rotterdam, die tot midden 19e eeuw aan de macht zijn, stimuleren de vooruitgang nauwelijks.

In 1813 wordt Napoleon verslagen. De zoon van Willem V keert terug naar Nederland. Hij wordt in 1815 ingehuldigd als koning Willem I, waarmee Nederland een monarchie wordt. Willem I heeft veel belangstelling voor de handel en voor havenstad Rotterdam. Mede door zijn inzet komt de industrialisatie wel op gang.

Grote dijkdoorbraak van de Rotte

Een paar jaar later, op Tweede Kerstnacht 1833, wordt het gebied rond de Rotte door rampspoed getroffen. Bij de Nessepolder breekt een dijk door en de Rotte loopt bijna helemaal leeg. Duizend hectare loopt onder water. Pas na acht maanden en enorm veel inspanning zijn alle dijkgaten gedicht.

Droogmaking Zuidplaspolder met stoomkracht

In 1828 start de droogmaking van de Zuidplaspolder, de eerste droogmaking in de omgeving met behulp van stoommachines. Er worden twee stoomgemalen en dertig molens gebouwd voor deze droogmakerij. In 1837 draait het eerste stoomgemaal. In 1839 vallen de hogere gronden droog  en tussen 1841 en 1843 kan de grond worden verkocht.

Drooglegging Alexanderpolder

Ook de Alexanderpolder wordt tussen 1865 en 1874 drooggelegd met behulp van stoomgemalen. Sommige molens verliezen hierdoor hun functie en worden afgebroken, zoals de Bergsche Molen bij het Berg- en Broekse Verlaat.

De in 1872 voltooide Nieuwe Waterweg is een grote stimulans voor de Rotterdamse economie. Door de komst van grote fabrieken zoals Heineken en Jamin trekken veel mensen naar de stad voor werk. Crooswijk is een voorbeeld van een echte arbeiderswijk die in de 19e eeuw ontstaat om al deze mensen onderdak te kunnen bieden. Op het platteland bij Bleiswijk en Zevenhuizen doet de stoomdorsmachine zijn intrede vanaf ongeveer 1870. Hierdoor kost het kaf van het koren scheiden veel minder tijd. In 1870 wordt een spoorlijn voltooid die onder andere bij Zevenhuizen-Moerkapelle een station heeft.

Rotte binnenstedelijk gedempt

Voor de spoorlijn in de binnenstad wordt in 1871 het stuk van de Rotte tussen de Lombardkade en de Wijnhaven gedempt. Op deze plek wordt een groot spoorviaduct aangelegd dat aansluit op de spoorbrug over de Maas. Bij het huidige Blaak ligt sinds 1877 station Rotterdam Beurs, het eerste station in Nederland met een smeedijzeren overkapping.

Singels van Willem Rose

Halverwege de 19e eeuw worden nieuwe singels aangelegd. Zij zijn ontworpen door Willem Nicolaas Rose als onderdeel van zijn Waterproject om vervuiling van het stadswater en daarmee  de regelmatig heersende cholera-epidemieën tegen te gaan.  Een aantal singels ligt vlakbij de Rotte zoals Noordsingel met in het verlengde de Bergsingel en de Crooswijksesingel met in het verlengde de Boezemsingel.

Heinekenbrouwerij Crooswijksesingel

Aan de Crooswijksesingel verrijst in 1873 een Heinekenbrouwerij. Heineken krijgt alle grondstoffen voor zijn bier aangeleverd via de Rotte. Via een bouwwerk over de weg worden de goederen van en naar het water getransporteerd. Tegenwoordig staat aan de Linker Rottekade nog een stukje van de gevel van de brouwerij, al is dit een reconstructie uit 1980.

Het Witte Huis bij de monding van de Rotte

Nog wel grotendeels authentiek is het Witte Huis, een kantoorgebouw aan de Oude Haven, de originele monding van de Rotte. De ‘eerste wolkenkrabber’ van Europa is in 1898 klaar.

De Rotte als verkeersader

Boeren blijven gebruik maken van de Rotte als verkeersader. Tot 1861 heeft Rotterdam een haven die de Karnemelkshaven heet, genoemd naar de zuivelproducten die boeren over de Rotte naar de stad vervoeren. Men vervoert niet alleen producten over de Rotte. Vanaf 1832 vaart men bijvoorbeeld doden naar begraafplaats Crooswijk die speciaal daarvoor een ingang aan de Rotte heeft. Deze begraafplaats ligt op de plaats waar vroeger het Huis te Krooswijk heeft gestaan.

 9. 17. Station Zevenhuizen Moerkapelle

Wereldoorlogen

10 logo wereldoorlogen1900 tot 1945

Rotterdam groeit eind 19 e en begin 20e eeuw zowel in inwonertal  als in oppervlakte. De uitbreiding met de Rijnhaven, de Maashaven en de Waalhaven zorgt voor veel nieuwe arbeidsplaatsen. Vanuit het buitengebied trekken veel mensen naar Rotterdam om daar te werken. De verbinding met de omliggende dorpen wordt intensiever. De infrastructuur breidt zich uit en eind 19e eeuw annexeert de stad Rotterdam de dorpjes Kralingen en Charlois.

De Rotterdamse haven is al sinds 1875 een uitvalsbasis voor emigranten die hun heil zoeken in Amerika. De Holland Amerika Lijn brengt meer dan een miljoen mensen naar de andere kant van de oceaan.

Beroemde emigranten

Onder hen is Willem de Kooning, geboren vlakbij de Rotte in 1904. Hij maakt na zijn overtocht in 1926 in Amerika carrière als kunstschilder. Ook Bep van Klaveren, de bekende Rotterdamse bokser, beproeft zijn geluk verschillende keren in Amerika. Voor de laatstgenoemde is in 1992 een standbeeld opgericht langs de Boezemweg.

Boezembarakken

Vanaf 1929 staan er tussen het Noorderkanaal en de Rotte, langs de zogenoemde Boezembocht, Boezembarakken. Deze barakken zijn een dependance van het Coolsingelziekenhuis en bedoeld voor patiënten die een besmettelijke ziekte hebben. Begin jaren ‘70 zijn de barakken afgebroken.

Hoewel Nederland neutraal blijft tijdens de Eerste Wereldoorlog, ondervindt Rotterdam  direct gevolgen van de oorlog tussen de omliggende landen. De haven leunt zwaar op de handel met het Duitse achterland en Groot-Brittannië. Die valt door de oorlog weg; de Noordzee is te gevaarlijk en Nederland kan zijn neutraliteit niet riskeren. Na de Eerste Wereldoorlog wordt de situatie er niet veel beter op. De internationale economische crisis heeft zijn weerslag op Rotterdam en grote delen van de bevolking zijn arm, werkloos en ontevreden. Het stadsbestuur probeert de problemen het hoofd te bieden met plannen voor uitbreidingen en de bouw van het Feyenoordstadion, Diergaarde Blijdorp en een nieuw stadhuis.

Noorderkanaal gegraven

In 1938 wordt het Noorderkanaal aangelegd dat de Rotte met de Schie verbindt. In datzelfde jaar vestigt limonadefabriek Sunrise zich in Hillegersberg.

Eind jaren ’30 komt aan alle bedrijvigheid abrupt een einde door de dreiging van een nieuwe wereldoorlog. In Rotterdam wordt een plan gemaakt voor afweergeschut en Joodse vluchtelingen uit Duitsland druppelen binnen. In mei 1940 krijgen de Rotterdammers een grote schok te verwerken. De Duitsers bombarderen dan een groot deel van de binnenstad. Zo’n achthonderd mensen verliezen hun leven.

Schilderij Henk Chabot

Henk Chabot, een bekende Rotterdamse kunstenaar die langs de Rotte heeft gewoond, legt het bombardement vast in zijn werk ‘Brand van Rotterdam’ (1940).

Opvang in Crooswijk, annexatie Hillegersberg

Wijken die net buiten de brandgrens liggen, zoals Crooswijk, stromen vol met dakloze families; in Crooswijk worden zo’n 2000 mensen opgevangen. Het jaar daarop moet Rotterdam noodgedwongen uitbreiden vanwege de grote woningnood. Onder andere Hillegersberg wordt geannexeerd.

Wapens op veilingschuiten

De Rotte is in de oorlog een handige verbinding met het platteland. De Duitsers maken er gebruik van, maar ook de geallieerden en verzetsleden weten de Rotte te vinden. Zo droppen de geallieerden wapens bij Bleiswijk, die vervolgens via de Rotte naar Rotterdam worden gebracht. Verzetsstrijders maken hierbij gebruik van veilingschuiten waarin de wapens verborgen worden onder de luiken.

Inundatie; polders onder water gezet

Om een invasie van de geallieerden te bemoeilijken, laten de Duitsers in maart 1944 veel polders rond de Rotte onder water zetten: de Eendrachtspolder, de Tweemanspolder, de Zuidplaspolder, polder de Wilde Veenen en de polders van Bleiswijk en Hillegersberg. Een groot deel van West-Nederland ondergaat ditzelfde lot. De Tweemanspolder is in 1945 door inzet van de Molenviergang in enkele weken weer drooggemalen.

Voedseldroppings Operatie Manna

Aan het einde van de oorlog sturen de geallieerden voedseldroppings die erg welkom zijn na de strenge Hongerwinter. De droppings staan bekend onder de naam ‘Operatie Manna’. De weilanden bij Terbregge zijn uitermate geschikt voor deze droppings, vooral ook vanwege  de aangrenzende Rotte. Via de Rotte wordt het voedsel op tuindersschuiten naar het centrum van Rotterdam gebracht. .

Als in 1945 de Duitsers capituleren is Rotterdam één van de meest gehavende steden in Nederland.

10 sunrise

Reclame voor Sunrise limonade

Televisie en computers

11 logo televisie computers1945 tot nu

Na de oorlog beginnen de Rotterdammers met de wederopbouw van hun stad. Grote woonwijken worden uit de grond gestampt.

Bouw Ommoord

Ommoord is zo’n nieuwe wijk, op de plek van de vroegere Ommoordse polder. In 1965 gaat de eerste paal  de grond in, een paar jaar later komen de eerste bewoners. In de jaren ’80 bereikt de nieuwbouw de Rotte en is de polder bijna helemaal volgebouwd.

Rotte in het gedrang

De Rotte loopt in deze tijd van vernieuwingsdrang gevaar. Er ontstaat een plan om een deel van de Rotte te dempen om er een snelweg  aan te leggen. Dankzij groeiend miliebewustzijn en protesten van omwonenden gaat dit plan uiteindelijk niet door. In 1973 wordt wel de A20 met een brug over de Rotte in gebruik genomen.

Recreatie op en om de Rotte

De Rotte wordt na de oorlog steeds meer een bron van recreatie. Er wordt geroeid, gezeild, gefietst en gevaren met plezierjachten en sloepen. Recreatiegebied de Rottemeren wordt aangelegd in de jaren ’60 en ’70 met onder meer het Lage en Hoge Bergse Bos en de Zevenhuizerplas. De Zevenhuizerplas wordt gegraven om zand te winnen voor nieuwbouwwijken als Zevenkamp en Nesselande. Het Hoge Bergse Bos is aangelegd op een voormalige puinstortplaats uit de jaren ‘60.

Plaquette Coen Moulijn

De Rotterdamse voetbalheld Coen Moulijn wordt in 1937 geboren in de Bloklandstraat vlakbij de Rotte. Hij maakt  vanaf de jaren ’50 tot begin jaren ‘70 furore bij Feijenoord. In de Bloklandstraat is een plaquette voor hem te vinden.

Luchtspoor Binnenrotte afgebroken

In 1982 wordt het ondergrondse metrostation Blaak geopend. Bij de aanleg van de metrolijn is rekening gehouden met een toekomstig ondergronds spoorwegstation. Dat wordt in 1993 geopend. In dit station zijn resten terug te zien van de 14e eeuwse stadsmuur. Na de aanleg van de spoortunnel, waarvan dit station deel uitmaakt, wordt het luchtspoor afgebroken dat lange tijd de Binnenrotte heeft gedomineerd.

Ode aan Marten Toonder

In 2002 wordt op het Binnenrotteplein ter ere van de 90e verjaardag van de Rotterdamse stripauteur Marten Toonder, het standbeeld ‘ode aan Marten Toonder’ onthuld. Het zes meter hoge monument bevat figuren uit Toonders bekendste scheppingen: de boeken over Tom Poes en Olivier B. Bommel.

Olympische roeibaan Eendragtspolder

Voor roeiers is de Rotte perfect om hun sport op te beoefenen. Zij krijgen in 2012 een extra voorziening:  een olympische roeibaan in de Eendragtspolder bij Zevenhuizen. Deze polder functioneert ook als waterberging. Bij extreme neerslag kan er tijdelijk ruim vier miljoen kubieke meter water worden opgeslagen. In 2011 start men met de aanleg van de roeibaan en in 2012 vindt de eerste wedstrijd al plaats. De Willem-Alexanderbaan is een feit.

Markthal bij de Rotte-dam

In 2014 opent vlakbij de Hoogstraat, daar waar de Rotte-dam ligt en de stad Rotterdam is ontstaan, de Markthal. Dit iconische gebouw is vanuit historisch perspectief een gepaste toevoeging aan Rotterdam die zoveel aan handel te danken heeft.

11 21. Ommoord in aanbouw

Ommoord in aanbouw

 

Bron: Stichting Plezierrivier de Rotte